Arthur Japin
Arthur Japin Foto: Ingezonden

Arthur Japin komt naar het Dommelhuis

Algemeen

Son en Breugel - Boekhandel De Traverse ontvangt op zaterdag 7 september a.s. Arthur Japin voor een lezing in het Dommelhuis om 20.00 uur. Zijn 13e roman ‘Het Stravinsky-spel’ is net verschenen en op 12 september gaat zijn verfilmde boek ‘Een schitterend gebrek’ in première, waar hij ook het scenario voor schreef. In het kader van zijn bezoek aan Son en Breugel beantwoordt hij schriftelijk al een aantal vragen van DeMooiSonenBreugelKrant.

Redactie: Marc van Beek

Het Stravinsky-spel gaat over de vraag hoe ver je wilt gaan om iets voor een ander te betekenen. Hoe staat u daar zelf in?
Ik hoop via mijn boeken een verschil te maken in hoe mensen met elkaar en anderen omgaan. Mijn hoofdpersonen zijn altijd buitenbeentjes, mensen die op de een of andere manier niet passen in het reguliere leven. Wat ik doe, is de lezer zo’n ander leven binnenlokken, vaak in mooie kostuums, in andere tijden, met kunst en muziek. En als we eenmaal in dat andere leven zijn, probeer ik te laten voelen hoe het is om die ander te zijn en niet te passen, altijd te worden nagewezen, altijd te moeten worstelen… Ik ben ervan overtuigd dat iemand na lezing beter snappen zal hoe het is een eenling te zijn. Hoe rijk ook. Wat een schitterend gebrek het is. Als dat lukt heb ik een verschil gemaakt.

Uw partner, Benjamin Moser, heeft een biografie geschreven over Susan Sontag, de hoofdpersoon in uw roman. Heeft dat het schrijven van deze roman makkelijker gemaakt? Kijkt Benjamin daarbij kritisch over uw schouder mee?
Nou en of dat scheelt. Hij is tien jaar bezig geweest met zijn boek, waarvoor hij de Pulitzer Prize gewonnen heeft. Hij heeft bijna duizend gesprekken met betrokkenen gevoerd en die uit laten schrijven. Dat materiaal mocht ik gebruiken. In die tien jaar ben ik vaak met hem mee geweest en heb ik veel van de mensen in het boek gesproken, van de acteurs waarmee Susan werkte in Sarajevo tot en met haar jongere zusje Judy, inmiddels een bejaarde vrouw. Tien jaar lang zat Susan Sontag als het ware bij ons aan tafel en heb ik haar door en door leren kennen. Uit al dat materiaal leek mij haar belangrijkste periode de zes weken waarin het boek zich afspeelt, de weken waarin zij en haar kunst werkelijk veel voor anderen betekenden.

Benjamin vindt het geweldig dat mijn roman er is. Hij kan niet wat ik doe en ik kan niet wat hij doet, dus we benaderen het beiden op een totaal andere manier. Heerlijk dat het zo kan.

Net als ‘een schitterend gebrek’ zijn er plannen om dit boek te verfilmen. ‘Een schitterend gebrek’ gaat binnenkort in première en u heeft daarvoor het scenario geschreven. Loop je daarmee niet het risico dat je té veel vasthoudt aan het boek, terwijl een film een andere benadering vraagt?
Ik houd enorm van het spelen met genres. Ik heb verhalen bewerkt tot films en andersom, opera’s gemaakt van boeken en hoorspelen. Ik geniet van dat puzzelen, weggooien wat je al hebt en iets nieuws bedenken om hetzelfde verhaal op heel andere manier voor het voetlicht te brengen. Regisseurs zijn altijd verbijsterd over het gemak waarmee ik in mijn eigen werk knip. Dus, nee, dat gevaar van te veel willen behouden, bestaat bij mij niet.

U schrijft historische romans. Feiten en fictie lopen daarbij door elkaar heen. Zijn er bepaalde uitgangspunten die u daarbij hanteert?
Ik houd van mijn hoofdpersonen, dus ik wil dat alles wat ze hebben meegemaakt klopt. De feiten die ik gebruik zijn waargebeurd. Daarnaast wil ik ze snappen. Ik ben zo nieuwsgierig naar hoe zij zich overeind hebben gehouden in hun leven. Om dat te kunnen begrijpen, leef ik me in ze in, maar dan ook volledig. Uitgaand van de dingen die zij hebben meegemaakt, probeer ik na te voelen hoe zij ze hebben beleefd. Dan kom je soms akelig dicht bij de waarheid. Het is mogelijk de werkelijkheid te verzinnen. Dat is me ook vaak gebeurd.

Wanneer is een historisch verhaal interessant genoeg voor een boek?
Als ik verliefd op iemand word en alles van die persoon weten wil. Elk boek begint met dezelfde vraag: Och, mens, hoe heb je overleefd?

In Son en Breugel is dit jaar een schrijverscollectief gestart, waarbij beginnende schrijvers elkaar stimuleren en feedback op elkaars werk geven. Wat kunt u hen meegeven voor de ontwikkeling van hun schrijverschap? 
Discipline! Daarmee staat of valt alles. Dat betekent: doorschrijven, ook als je niet meer weet hoe je verder moet, ook als je wanhoopt, ook als je denkt dat het nooit iets worden zal; woorden blijven produceren, als het enigszins kan elke dag, dat is het grootste geheim. Om dat te kunnen en moed te vinden, elke keer weer, moet je vuur om het verhaal te vertellen groot genoeg zijn, je nieuwsgierigheid naar hoe het verder gaat en hoe het afloopt. Ik ben ervan overtuigd dat iedereen kan schrijven, maar niet iedereen kan dat vuur brandend houden. Talent bestaat uit vele facetten, uit meer dan schrijven alleen. Discipline is van al die dingen het belangrijkste.

Mail ons!
Heb je een foutje gezien of heb je een opmerking over dit artikel?
Neem dan contact met ons op: redactie@demooisonenbreugelkrant.nl


Deel dit artikel: