Lezerspodium

Eist de parochie de sloop van de kerk?
Neen, de gemeente eist de sloop van de kerk!

Bij voortduring wordt door het gemeentebestuur gewezen naar de Parochie als de partij die eist dat de kerk gesloopt wordt. Quod non! Die eis wordt door de Gemeente gesteld.
Hoe kunnen deze twee tegenstrijdige posities verklaard worden? Om dat te begrijpen is het goed om de brief van het Bisdom van 9 mei 2016 aan B&W van Son en Breugel na te lezen.

In die brief staat dat het Bisdom een voorstander is van het amoveren van kerkgebouwen die aan de eredienst zijn onttrokken. Er zijn echter omstandigheden op grond waarvan niet tot sloop maar tot herbestemming wordt overgegaan. Dat geldt voor de kerk van Son. Onder de indruk van de wens van vele, gelovige en niet gelovige, dorpsgenoten om het gebouw aan te wenden ten behoeve van de gemeenschap als ruimte voor een MFA, kan het Bisdom instemmen met een zodanige herbestemming
De Parochie, als beleidsuitvoerder van het Bisdom, zal dus de sloop van de kerk niet eisen.

De kerk komt dus daarmee beschikbaar voor een MFA. Maar omdat de verantwoordelijke wethouder met kunst en vliegwerk, en met verwijzing naar 400 m2 niet benodigde ruimte in de kerk, de Raad heeft weten te overtuigen van het feit dat een MFA in de kerk te duur is, wordt de toekomst voor het gebouw onzeker. Maar niet voor lang. Want kort daarop weet de betrokken wethouder de Raad er van te overtuigen dat de ruimtebehoefte van het MFA groter zal zijn dan het oppervlak van de kerk. Er moet dus een nieuw gebouw komen dat al gauw, naast het parkeerterrein, een aanzienlijk deel van het oppervlak van de kerk nodig heeft.

Omdat de Bisschop aan Son een nieuwe kerk heeft toegezegd en de Gemeente de kerk nu nodig heeft om zijn geplande MFA te realiseren,kan de Parochie niet anders dan de kerk verkopen aan de gemeente. Het is ook nu niet in het belang van de Parochie om de sloop van de kerk te eisen.

Maar waarom zegt de Gemeente bij voortduring dat de Parochie de kerk wil slopen? Dat komt omdat de Gemeente, om na de verwerving de aanvraag van een sloopvergunning te vermijden, als voorwaarde in de koopovereenkomst heeft opgenomen dat de Parochie (voor rekening van de Gemeente) de opdracht tot gedeeltelijke sloop moet geven alvorens de verkoop een feit wordt. Het is dus een opdracht van de Gemeente aan de Parochie om tot gedeeltelijke sloop over te gaan.
Dat betekent dat de Gemeente de sloop van de kerk eist.

Als de Gemeente, gehoord het gemor van de dorpelingen, en onder de indruk van de uitkomst van het KANTAR onderzoek, op haar schreden terugkeert en het MFA alsnog in de kerk wil onderbrengen, zal de Parochie opgelucht de kerk in ongeschonden staat aan de Gemeente in verkoop overdragen. Het moet maar eens uit zijn met het voortdurend rondzingen van "de eis van de Parochie om de kerk te slopen".

A.Th.M.J. Hensen