
Column Judith: Injecties
Column ColumnHij is van nature een bezig baasje. Nadat zijn vrouw is overleden, is hij zelfstandig blijven wonen. Ook zijn tuin houdt hij nog zelf bij. Het is behoorlijk wat werk, maar hij redt zich. Om de tuin weer klaar voor de zomer te krijgen, heeft hij een paar dagen flink doorgewerkt. Dat hij wat last heeft van zijn knie, vindt hij daarom niet zo verwonderlijk. Hij klaagt niet en beweegt dagelijks, ondanks de pijn die hij voelt. En dan…op dat ene onbewaakte moment…als hij zijn voet net wat minder bewust neerzet, valt hij en breekt zijn heup. Na zijn operatie wordt hij op onze revalidatie-afdeling opgenomen. Dagelijks krijgt hij, gedurende een aantal weken, een bloedverdunnende injectie. De volksmond noemt dit soort injecties vaak ‘trombosespuiten’, een beschrijving die eigenlijk niet klopt. De spuit is feitelijk juist anti-trombose.
Het is een venijnig prikje, dat vaak in bovenbeen of buik wordt gezet. Een veelvoorkomende bijwerking is de bloeduitstorting die je eraan over kunt houden.
En daar heeft hij last van! Niet van de pijn, maar van het uitzicht. Zijn bovenbenen zien bont en blauw. En dus heeft hij besloten om te stoppen met de injectie. Nu meteen!
We praten met hem en leggen hem meermaals uit dat de kans op trombose of een embolie erg groot is als je voortijdig besluit te stoppen met de medicatie. In eerste instantie lijkt hij onverbiddelijk.
Als de volgende dag een andere collega nietsvermoedend met de injectiespuit zijn kamer binnenkomt, slaat hij zelf de dekens terug en laat zich toch weer injecteren. Hij maakt er verder geen woorden aan vuil en bedekt nadien snel zijn gehavende been met dekens.
