
Column Judith: Ziekenhuisopname
Column ColumnZe heeft een bloedneus. Normaal gesproken zou die gestelpt kunnen worden door de neus een minuut of tien dicht te drukken. Mocht het euvel dan nog niet verholpen zijn, dan wil het soms helpen om het neusgat op te vullen met een gaasje, gedrenkt in neusdruppels.
Door haar gevorderde dementie vergeet ze steeds dat het beter is om niet in haar neus te peuteren. Zodra de bloeding dus enigszins onder controle lijkt te zijn, zit ze er toch weer aan en begint alles weer opnieuw. Dat ze een bloedverdunner gebruikt, maakt het allemaal niet gemakkelijker.
Het is wel duidelijk dat het zeer wenselijk is dat de bloeding stopt. Ze wordt erg onrustig van de hele situatie en heeft al wat bloed ingeslikt. Daar kan ze erg misselijk van worden en dat gunnen we haar ook niet.
Binnen het verpleeghuis is onze trukendoos leeg. Onze arts overlegt met een collega in het ziekenhuis. Beiden zijn er over eens dat het beter is om insturen naar het ziekenhuis te voorkomen. Het zou een hele grote impact op haar kunnen hebben, waardoor ze mogelijk dagen van slag kan zijn.
We besluiten een neustampon in te brengen. Dat is een soort verband dat uitzet in de neus, waardoor de wond wordt dicht gedrukt. Het tampon moet drie dagen blijven zitten.
Na een paar uur blijkt ook dit geen passende oplossing. Ze kan niet van het verband afblijven en trekt daarmee het wondje steeds weer open.
Helaas moet ze dus alsnog naar het ziekenhuis, in de hoop dat de bloeding gestopt wordt.







