
IVN brengt mensen dichter bij de natuur: Vroege vogels
AlgemeenIn deze rubriek delen we onze kennis en ervaringen, geven we groene tips, vertellen we over de natuur dicht bij huis en houden we je op de hoogte van activiteiten van het IVN. Want ook in onze eigen omgeving valt er in de natuur van alles te ontdekken. Meer weten of eens meedoen? Kijk dan op onze website www.ivn.nl/afdeling/son-en-breugel.
Om half vier gaat de wekker. Het is nog donker. Voor de meeste mensen is de nacht nog lang niet voorbij, maar voor ons begint de broedvogeltelling bij het Oud Meer. Met z’n tweeën gaan we op pad, nieuwsgierig naar wat deze vroege ochtend zal brengen.
Wanneer we aankomen, verschijnt aan de horizon het eerste licht. Boven het ven en de heide hangt de mist als een deken over het landschap. Het is stil. Juist in die stilte komt het vogelkoor langzaam op gang.
Er wordt wel eens gezegd: ‘Vogels kijken doe je met je oren’. Dat dit echt zo is, ervaren we keer op keer. We starten onze telronde in het donker en registreren vooral wat we horen. Gedurende de drie uur dat we tellen, horen we op verschillende momenten de vogels wakker worden en beginnen met zingen. Met hun zang markeren ze hun territorium en laten ze horen dat ze er zijn. In alle vroegte klinkt de rasp van de gekraagde roodstaart en niet veel later het veelzijdige geluid van de boompieper boven de heide.
Deze twee vogels broeden veelvuldig rond het Oud Meer. De gekraagde roodstaart zoekt een holletje in een boom, terwijl de boompieper, in tegenstelling tot wat zijn naam doet vermoeden, zijn nest op de grond maakt. Dat maakt het kwetsbaar voor rovers, maar ook voor loslopende honden of mensen die van de paden af gaan.
Omdat we hier vaker tellen, weten we inmiddels waar we bepaalde soorten kunnen verwachten. Zo zijn we niet verrast als we aan de bosrand een vink horen zingen en langs het water een roodborsttapuit ons met een alarmroep tegemoet komt. Pas wanneer het licht sterker wordt, kunnen we onze ogen en verrekijkers gebruiken om vogels te herkennen.
De tellingen doen we voor Sovon. De gegevens zijn ook voor de gemeente waardevol: ze geven inzicht in welke vogels in dit gebied broeden en hoe belangrijk dit gebied voor hen is.
Normaal gesproken mag het gebied tussen zonsondergang en zonsopgang niet worden betreden. Voor deze broedvogeltellingen hebben we toestemming gekregen om ook in de donkere uren te tellen. Dat maakt het iedere keer bijzonder om hier te zijn.
Als we rond 7.30 uur klaar zijn met tellen en alle gegevens zijn vastgelegd, stappen we weer op de fiets, met een voldaan gevoel en nog een hele dag voor ons.
Gineke de Laat, namens de Vogelwerkgroep






