
Straatnamen voor een inclusieve samenleving
Algemeen Algemeen / Son & BreugelSon en Breugel - Wat zegt een naam? Dat vroeg William Shakespeare zich al af. Dit artikel gaat ook over namen, straatnamen om precies te zijn. Iedereen heeft elke dag met straatnamen te maken: als er post verstuurd wordt, als men ergens op bezoek gaat en als men de weg zoekt in een vreemde stad. Achter veel van die namen schuilen soms bijzondere en interessante verhalen. Maar wie bedenkt al die straatnamen?
Redacteur: Arjen Strik
Fotograaf: Wil Feijen
De coalitiefracties (DorpsVisie, PvdA/GroenLinks, CDA en D66) van de gemeente Son en Breugel hebben onlangs een motie ingediend om te komen tot een gezamenlijk straatnamenbeleid dat recht doet aan de gehele inclusieve samenleving waarmee bedoeld wordt dat de naamgeving iets zegt over onszelf, de historie en cultuur.
Geschiedenis
Dat straten een naam hebben, lijkt vanzelfsprekend, maar pas halverwege de negentiende eeuw kregen Nederlandse gemeenten de taak straatnamen vast te leggen. Daarvoor had je vaak hele lange beschrijvingen van de plek waar je huis stond, zoals ‘Ik woon naast schele Jan, met die bochel en puisten op zijn kop. Ja daar, vlak bij de markt in dat huis met de bloembakken’. De belangrijkste reden waarom de straatnamen vastgelegd werden, was omdat het in Nederland steeds voller werd en er steeds meer nieuwe wijken gebouwd werden. Hulpdiensten zoals de politie en de brandweer, maar ook postbodes, moesten steeds meer werk doen om het juiste adres te vinden; daarom moesten straten voorzien worden van straatnaambordjes.
Straatnaamverordening
De namen voor nieuwe straten worden vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders in samenwerking met een (advies)commissie. De gekozen namen worden vastgelegd in een straatnaamverordening. Als een straat naar een persoon genoemd moet worden, kiest men bij voorkeur voor een overledene. Ook hebben veel gemeenten een periode van 5 tot 25 jaar ingesteld waarin gewacht moet worden voordat een persoon op een straatnaambord mag worden vermeld; dit om ‘besmetting’ te voorkomen. Uitgezonderd zijn de leden van het Koninklijk Huis. De Vereniging van Nederlandse Gemeentes heeft hiervoor richtlijnen opgesteld. Straatnamen werden verder populair door het spel Monopoly.
Lokale helden
Initiatiefnemer Henk Hulsen, lid raadscommissie Algemene Zaken CDA: “Ons dorp kent op dit moment een thematisch ingericht straatnamenbeleid. Per buurt of straat worden passende straatnamen gezocht. Denk aan planeten, bomen, bloemen, schrijvers/schilders, werelddelen, provincies, dieren, rivieren, insecten/vlinders en zeehelden. We kennen daarbij ook historische geografische namen, zoals Ekkersrijt, Kanaalstraat, Houtens, Bokt, Wolfswinkel en Eind, maar we kennen nauwelijks regionale of lokale belangrijke personen. Natuurlijk hebben we het Pieter Brueghelplein, de Van den Elsenstraat, de Antoon van de Venstraat, Hendrik Veenemanstraat en Steinweghof, maar dan is het snel op. Wij willen deze groep vergroten en dit met een andere kijk op de samenleving en onze historie.”
Rijkdom aan geschiedenis
De coalitie denkt dat er een heleboel geschikte personen zijn die van groot belang zijn geweest voor het dorp en voor de gemeenschap; daar is nu geen aandacht voor. Ze pleiten ook voor een korte toelichting van deze personen op het straatnaambord; zo is een rijkdom aan geschiedenis en gemeenschapszin mogelijk. “Oude straatnamen zullen blijven bestaan. Wij denken dat dit een mooie manier is om betekenis te geven aan onze eigen historie”, aldus Henk in zijn toelichting op de motie.