
Trouw tot in de dood
AlgemeenSon en Breugel - Op 21 januari 1782 haastten zich drie schepenen van Son naar herberg De Roskam waar Hendrik van Dinther woonde. De drie regenten hadden vernomen dat Hendrik de avond ervoor ernstig gewond was door een schot uit een "snaphaen" = vuursteengeweer. In de Roskam aangekomen vonden ze Hendrik in bed liggen en vroegen hem wie op hem geschoten had. Hendrik beweerde dat hij dat niet wist. Toen de drie bezoekers bleven vragen om meer duidelijkheid, zei de zwaargewonde dat hij naar de hei achter 't Zand was gegaan en dat hij na het schot wel iemand had zien weglopen maar niet wist wie dat was.
De schepenen hadden echter wel een vermoeden. Het was algemeen bekend dat Hendrik regelmatig met zijn vriend Gerrit Timmermans ging stropen. Daarom ging het onderzoeksteam naar de woning van Gerrit. Daar troffen ze alleen de vrouw van Gerrit aan. Deze verklaarde dat haar man de gewonde Hendrik naar huis had gebracht en daarbij verder niemand gezien had. Toen de schepenen vroegen waar haar man was, antwoordde zij "… dat hij weer nae sijn werk was, sijnde een timmerman van stijl." Alles wees erop dat Gerrit op de vlucht was geslagen, vermoedelijk omdat hij bang was gearresteerd te worden voor de verwondingen aan Hendrik toegebracht. De aanklacht zou nog zwaarder kunnen worden als Hendrik zou overlijden. Dat laatste gebeurde inderdaad. In de loop van de dag bezweek Hendrik aan zijn verwondingen.
Een dag later gingen dokter Guillielmus van Baar en chirurg H. van Geldorp, beide afkomstig uit Sint-Oedenrode, in opdracht van het hoog officie van de Stad en Meierij van 's-Hertogenbosch naar herberg De Roskam om het stoffelijk overschot van Hendrik van Dinther te schouwen. Zij deden dat in aanwezigheid van de schepenen van Son en Breugel. De lijkschouwers constateerden dat Hendrik waarschijnlijk van dichtbij en op korte afstand door een schot hagel in de borst was getroffen. Dat de daardoor ontstane wond zo'n twee duimen in diameter was en dat van de zevende ware rib twee à drie duimen afgebroken was. Als gevolg hiervan waren de longen doorboord en diverse bloedvaten verbrijzeld "waerdoor eene gevaere bloedspuwing door de mond, alsook een grote extravasatie (= vochtuitstorting) in de holtigheijd van de borst heeft veroorsaekt."
Het kon dus bijna niet anders dan dat Hendrik wist dat Gerrit hem geraakt had. Dit bleek ook uit een verklaring van een getuige die zei dat Hendrik op zijn sterfbed gezegd zou hebben: "… dat het geval onnozel toegekomen was en dat hij het aan den man die het gedaen had vergaf; dat hij moest sterven maar dat het die man zijne schult niet was." Een jaar na de dood van Hendrik verklaarden acht personen voor de schepenen van de gecombineerde dingbank van Son en Breugel dat Gerrit Timmermans zijn brood voor vrouw en kinderen altijd eerlijk en ordentelijk had verdiend.
Kennelijk heeft deze verklaring geholpen want op 3 januari is 1785 is Gerrit in Son aanwezig bij de doop van zijn zoon Antonius. Later verhuisde Gerrit met vrouw en kinderen naar Gemert waar Gerrit in 1822 overleed. Hij was nog steeds eigenaar van de boerderij in 't Zand. Hoewel we het nooit helemaal zeker zullen weten, mag worden aangenomen dat Gerrit per ongeluk zijn vriend Hendrik heeft neergeschoten. Een vriend die geen kwaad woord over Gerrit wilde zeggen.




