
Woningbezitters Breeakker vinden toepassen voorkeursrecht onzin
PolitiekSon en Breugel - Het genomen besluit over het toepassen van het voorkeursrecht op een gedeelte van de wijk Breeakker zit de bewoners van de koopwoningen aan de Buntlaan hoog. Er is ondanks de uitleg van wethouder Jelle de Jong nog veel onbegrip over deze maatregel die het college heeft genomen en waarover de gemeenteraad donderdag 20 april een besluit moet nemen.
Redactie: Adrie Neervoort
“Het straalt er aan alle kanten vanaf dat het onzorgvuldig is en slecht voorbereid ”, zegt Arnold Bloemendal eigenaar van een huis aan de Buntlaan. Wat de bewoners van de koopwoningen aan de Buntlaan steekt is dat er volgens hen geen plan is. “Laat staan dat er een visie is over hoe we de woningnood in Son en Breugel gaan aanpakken. Er wordt wel geroepen dat we zeshonderd woningen moeten bouwen, maar hoe ze het gaan aanpakken in zijn algemeenheid, en in welke wijken en onder welke voorwaarden, en hoe we het gaan oplossen, daar hoor ik helemaal niets van. Maar ik hoor wel dat ze alvast een voorschotje op mijn perceel willen nemen”, aldus Bloemendal. “Met het voorkeursrecht neemt de gemeente een voorschot, want ze hoeven nog geen plan te hebben, dat hoeft pas binnen drie jaar”, vult Vincent Reinbergen, tevens eigenaar van een huis aan de Buntlaan, aan.
Het is duidelijk: alle informatie over het waarom van het toepassen van het voorkeursrecht roept alleen maar vragen en onbegrip op bij de bewoners. Ze hebben zelfs het vermoeden dat er meer speelt. Want waarom deze maatregel als volgens Bloemendal 92 procent van de woningen in het gebied eigendom is van wooncorporaties, waarvan Woonbedrijf de meeste woningen bezit.
Volgens Bloemendal zijn er vorig jaar afspraken gemaakt tussen de gemeente en Woonbedrijf over 9 niet-DAEB(diensten van algemeen economisch belang)-woningen. “Je zou verwachten dat je als gemeente met je woonplannen in gesprek gaat met Woonbedrijf hierover. Of is een gesprek niet meer mogelijk en is de gemeente bang buitenspel gezet te worden door deze coöperatie?”, aldus Bloemendal. Het antwoord op dit vermoeden hebben de bewoners van de koopwoningen niet, net zomin als de huurders van de woningen.
Er is dus onbegrip over het feit dat de koopwoningen ook in het gebied vallen waar het voorkeursrecht van toepassing is. Volgens wethouder De Jong is het inperken van het gebied, dus het eruit halen van de koopwoningen, op dit moment niet haalbaar. Volgens hem moet het één groot en logisch gebied zijn.
“Onzin”, zegt Bloemendal, “wij hebben aangetoond dat er in Arnhem en Landgraaf juist specifieke percelen in een wijk zijn aangemerkt voor het toepassen van het voorkeursrecht, dus geen vlak of rechthoek, maar een kronkelig geheel waarbij op sommige percelen wel en op andere geen voorkeursrecht geldt.”
Bloemendal en ook andere bewoners hebben begrip voor het feit dat er woningnood is en dat er gebouwd moet worden. Maar het toepassen van het voorkeursrecht op hun vaak recentelijk aangekochte en verbouwde woningen lost wat hun betreft het probleem niet op.
“Voor het herontwikkelen van een wijk heb je draagvlak nodig, zowel in de politiek als bij de inwoners. Bij het toepassen van het voorkeursrecht heeft het college hier geen aandacht voor gehad”, aldus Reinbergen.
Bloemendal begrijpt dat er voor het toepassen van voorkeursrecht bepaalde regels zijn, en daarbij speelt geheimhouding een grote rol. Maar ook dan kun je bij een gemeenteraad onder strenge voorwaarden en in het volste vertrouwen informeren naar het draagvlak voor het plan. Volgens hem zal er waarschijnlijk donderdag via het indienen van moties over het toepassen van het voorkeursrecht draagvlak gezocht worden bij de gemeenteraadsleden.




