Afbeelding
Foto: Wil Feijen

Column Luc: Dan liever de lucht in!

Column Column Column Column Lucky Luc

‘Dan liever de lucht in!’, het zijn de laatste woorden van Luitenant-ter-zee Van Speijk, die liever zijn kanonneerboot over te geven aan de opstandige Belgen. Ik moest eraan denken, op een koude januariochtend, op weg naar het vliegveld.

Het blijft verbazingwekkend hoe druk het is op vliegvelden, ongeacht het tijdstip of de tijd van het jaar. Van vliegschaamte is weinig te merken, ook niet bij mijzelf. Het verlangen om midden in de winter, de kou, sneeuw en ijs te ontvluchten is vele malen groter.

Het grijsgehalte is hoog, het is nog niet de tijd van vliegtuigen vol jongelui op weg naar zon, zee en strand. En drank, véél drank. Het boarden verloopt voorspoedig, helaas zitten mijn vrouw en ik niet naast elkaar. Zo vlieg ik tussen twee vreemde vrouwen in naar de zon. Er was een tijd, dat ik daarvan droomde. 

Na de gebruikelijke demonstratie van het zwemvest etc., waar niemand nog op let, zet het vliegtuig zich in beweging, een beetje schokkerig. Het vliegtuig baadt in een spookachtig licht, alle elektronische apparatuur is uitgeschakeld. Na even taxiën versnelt het vliegtuig. Het blijft wonderlijk hoe zo’n zware kolos zich in de lucht kan verheffen, zijn buik vol van passagiers en bagage. Al snel verdwijnt het Brabantse landschap onder ons, in de verte zie ik de lichten van de lichtstad. Een bewegend lint van koplampen snijdt door het landschap. Zoveel mensen al zo vroeg op pad, op weg naar het werk.

Gestaag zoekt het vliegtuig zich een weg door de grijze wolkenmassa. Al gauw doorbreken we het wolkendek, en zien we de bovenkant van de wolken, belicht door de opkomende zon. Over met sneeuw bedekte bergtoppen en een kalme zee snellen we zuidwaarts. Een licht gevoel van opluchting maakt zich van me meester als ik merk dat we snelheid aan het minderen zijn. Twintig minuten voor de planning komen we aan op onze bestemming, dat betekent twintig minuten extra vakantie!

Witte huizen met rode daken wenken ons naderbij, nodigen ons uit om te landen. Nog even dan is het zover. De monding van de rivier die Faro in tweeën snijdt, strekt zich onder ons uit. Grote, gele zandbanken beschermen de monding van de rivier en de haven. 

Een zachte landing, we zijn er. Het is een opluchting als we geland zijn, iedere keer weer. Dan begint het grote wachten. Wachten tot we het vliegtuig uit mogen, dan wachten tot de bagage er is, en tenslotte tot we onze huurauto in ontvangst mogen nemen. Dan is het zover, en rijden we de zon tegemoet. Onze vakantie is begonnen!

Tot over een week, dan gaan we weer de lucht in.

Mail ons!
Heb je een foutje gezien of heb je een opmerking over dit artikel?
Neem dan contact met ons op: redactie@demooisonenbreugelkrant.nl


Deel dit artikel: